Verbetering rendabiliteit vleeskuikensector door optimalisatie strooiselkwaliteit
De partners die aan dit deponstratieproject meewerken, zijn ILVO, Katholieke Hogeschool Kempen en DGZ.
Ten gevolge van de Europese richtlijn 2007/43/EG wordt de economische rendabiliteit van de vleeskuikensector in grote mate bepaald door de kwaliteit van het strooiselmateriaal in de stal.
Indien het strooisel te ‘nat’ is, verhoogt dit de kans op een hogere sterfte dan toegelaten door de norm van de hogervermelde richtlijn. Om de hoogst toegelaten bezetting van 42 kg/m² staloppervlak te mogen gebruiken moet de sterfte bij de kuikens gedurende zeven opeenvolgende rondes lager zijn dan 3,52 % bij een leeftijd van 42 dagen.
In dit demonstratieproject, dat start op 1 maart 2010 en eindigt op 28 februari 2012, willen we aan de pluimveesector demonstreren, dat we de strooiselkwaliteit kunnen optimaliseren via het bedrijfsmanagement en via de samenstelling van het voeder. Op dit ogenblik poogt men in geval van nat strooisel het probleem op te lossen met behulp van medicatie, terwijl dit niet altijd noodzakelijk hoeft te zijn.
Op het Proefbedrijf voor de Veehouderij worden zes rondes opgestart, verdeeld over telkens drie rondes in een tussenseizoen en een winterperiode. Na de eerste drie rondes worden de resultaten geëvalueerd en indien nodig wordt het project bijgestuurd. Naast de klassieke productieparameters zoals sterfte, gewicht, voeder- en waterverbruik, worden de kuikens op het einde van elke ronde beoordeeld op de uitwendige kwaliteit.
Naast onze standaard meetprotocollen voor strooiselbeoordelingen, zullen wij een nieuwe test gebruiken om de strooiselkwaliteit reeds vroeg in de ronde te bepalen. Dit biedt de pluimveehouder de mogelijkheid alsnog de gezondheid van de vleeskuikens bij te sturen en het management aan te passen voor het te laat is.Innovatief in dit project is dat er een objectieve demonstratie gaat gebeuren van de interactie tussen ventilatie en voedersamenstelling op de strooiselkwaliteit in een vleeskuikenstal.
Het stalklimaat sturen we op basis van twee verschillende ventilatiecurven aangepast aan ons indirect verwarmingssysteem met deltabuizen en rekening houdend met de CO2-norm van 3000 ppm. Zo willen we het belang van het stalmanagement aantonen en het effect van ventilatie-instellingen op de energiekost van het bedrijf verder nagaan.
Het belang van de voeding willen we aantonen met twee voeders met een verschillend eiwitgehalte en op basis van een verschillende eiwitbron.
Dierengezondheidszorg Vlaanderen (DGZ) zal de gezondheidstatus van de vleeskuikens intensief opvolgen met extra aandacht voor de darmgezondheid. Na twee weken zal een aantal kuikens per proefgroep beoordeeld worden. Naast een autopsie van enkele dieren zullen we ook een beroep doen op de nieuwe methode voor de opvolging van dysbacteriose, ontwikkeld aan de faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Gent.
Op het ILVO (Instituut voor Landbouw en Visserij Onderzoek) zal een verteringsproef uitgevoerd worden met dezelfde voeders als toegepast op het Proefbedrijf van de Veehouderij, om het effect van de voedersamenstelling na te gaan op de vertering. Ook zal de verhouding water-/voeropname bepaald worden. Deze parameters zijn belangrijk om mee de strooiselkwaliteit te verklaren in de verschillende proefgroepen.
Bij de opstart van het project is een stuurgroep samengesteld met verschillende personen uit de pluimveesector. Er worden voorlichters, bedrijfsdierenartsen, verschillende pluimveehouders en vertegenwoordigers van integraties uitgenodigd, naast de partners van het demoproject. Alle stuurgroepleden krijgen de kans om op regelmatige basis het project bij te sturen en te begeleiden, en de ervaringen kenbaar te maken in de pluimveesector.
De stand van zaken en de resultaten van het demoproject zullen besproken worden op de demodagen en de studiedagen georganiseerd door het Proefbedrijf voor de Veehouderij. Ook met tussentijdse artikels en mededelingen wordt de sector geïnformeerd. Afsluitend wordt een brochure gedrukt rond de problematiek van strooiselkwaliteit en de resultaten van het demoproject. Aan de hand van onze bevindingen wordt een website gebouwd (via de partner KHK-Geel). Deze website biedt een stappenplan aan dat moet leiden tot een optimalisatie van de strooiselkwaliteit, op een eenvoudige manier, toegankelijk voor elke pluimveehouder.









