Antibiogram (kwalitatieve agar-diffusietest)
Dit is veruit de meest toegepaste antibioticagevoeligheidstest in bacteriologische laboratoria. En ook bij DGZ, waar deze test dagelijks wordt uitgevoerd. Het principe berust op diffusie van verschillende antibiotica vanuit tabletjes of papierschijfjes in een omgevende voedingsbodem, na beënting van de voedingsbodem met de bacteriestam waarvan de gevoeligheid dient gemeten te worden. Tijdens incubatie overnacht in een broedstoof zal de bacteriestam groeien op de voedingsbodem, maar tegelijkertijd zullen de antibiotica diffunderen in het medium. De concentratie van de antibiotica zal het grootst zijn in de onmiddellijke omgeving van de tabletjes, en afnemen naarmate de afstand tot deze reservoirs van antibiotica toeneemt. De bacteriestam wordt dus blootgesteld aan een continue gradiënt van antibioticumconcentraties. Op deze manier kunnen remzones of groei-inhibitiezones ontstaan rond de antibioticareservoirs. Hoe gevoeliger de bacterie is voor een bepaald antibioticum, hoe groter de remzone zal zijn, en vice versa. Bij het aflezen van de test na incubatie worden dan ook de diameters van de remzones gemeten. Deze diameters worden vervolgens vergeleken met vooropgestelde breekpuntdiameters, die classificatie toelaten in drie kwalitatieve resultaatscategorieën: gevoelig, intermediair of resistent. De breekpunten zijn verschillend naargelang het geteste antibioticum en naargelang de bacteriesoort die getest wordt.







