Coccidiose
Coccidiose is een parasitaire aandoening die veroorzaakt wordt door eencellige parasieten die behoren tot het geslacht Eimeria. Niet alle soorten zijn ziekteverwekkend. Eimeria bovis en zuernii zijn bij runderen veruit de belangrijkste. Eimeria alabamensis kan eveneens diarree veroorzaken. Deze laatste wordt ook wel weidecoccidiose genoemd, omdat hij dikwijls voorkomt bij iets ouder jongvee dat reeds uitgeweid is. De cyclus duurt een tweetal weken en verloopt zonder tussengastheer. De oöcyten of eieren kunnen geruime tijd in de omgeving overleven en er zijn slechts weinig chemische desinfectantia tegen actief.
Coccidiose doet zich vooral voor bij jonge kalveren en dieren met gestoorde immuniteit. Vooral op het ogenblik dat kalveren worden gespeend en in groepjes worden samengebracht, kan bij een hoge infectiedruk klinische coccidiose doorbreken. De voornaamste symptomen zijn dan vermageren, diarree (die in erge gevallen bloederig kan zijn) en soms sterfte. Af en toe wordt coccidiose vastgesteld bij oudere runderen in de afmestfase. Kenmerkend bij deze groep is de uitscheiding van quasi normale mest met klonters bloed.
Diarree (al dan niet bloederig), gewichtsverlies, slecht haarkleed bij kalveren vanaf de leeftijd van 5-6 weken zijn een sterke indicatie voor coccidiose. Bij oudere (mest)runderen is persen (soms met prolaps van de aars) een frequent beeld, waarbij het onderscheid dient gemaakt te worden met een BVD-infectie.
Een vermoedelijke diagnose kan gesteld worden aan de hand van de klinische symptomen. Wil men echter een zekere diagnose, dan dient er eerst en vooral een microscopisch onderzoek van de mest te gebeuren. Bij dit onderzoek bekijkt men of er eieren of oöcyten aanwezig zijn in de mest en van welke soort ze zijn.
Daarnaast kan men een telling uitvoeren van het aantal oöcyten per gram mest. Toch is het resultaat van deze telling niet altijd gecorreleerd met de ergheid van het klinisch beeld. Oöcytenuitscheiding gebeurt namelijk intermitterend. Daarom is het belangrijk om bij staalname ook meerdere dieren te bemonsteren.
Er zijn verschillende anti-coccidiosemiddelen voorhanden voor de behandeling van runderen. Het is echter belangrijk om bij een vermoeden van coccidiose uw bedrijfsdierenarts te contacteren en stalen te laten nemen. Na het stellen van de diagnose kunnen er verschillende maatregelen genomen worden ter preventie.
Bij de preventieve maatregelen voor coccidiose zijn ook deze voor het voorkomen van kalverdiarree in het algemeen toepasbaar (zie ziekte diarreeproblemen). Daarnaast is het belangrijk om weten dat oöcyten heel resistent zijn in de omgeving en er slechts weinig desinfectantia tegen actief zijn. Vooral desinfectantia die ammoniumverbindingen bevatten, zijn hiervoor wel geschikt.

Lees ook








