Westnijlvirus circuleert volop in België: nieuwe PCR-test ondersteunt snelle screening
In augustus 2025 werd het westnijlvirus voor het eerst in België aangetoond bij wilde kraaiachtigen. Een jaar later volgde de eerste bevestigde besmetting bij een paard. Intussen is het virus in Vlaanderen vastgesteld bij 34 paarden, 80 wilde vogels en één flamingo. Ook bij kanaries van een hobbyhouder werd het virus aangetoond. Daarnaast zijn ook bij mensen in Vlaanderen en Brussel besmettingen gemeld. Deze vaststellingen tonen aan dat het virus in ons land circuleert en dat waakzaamheid belangrijk blijft. Om besmettingen snel op te sporen en de verspreiding van het virus verder op te volgen, biedt DGZ voortaan een nieuwe PCR-test aan voor pluimvee en wilde vogels.
Besmette muggen brengen het virus over
Muggen en vogels vormen de belangrijkste schakel in de verspreiding en instandhouding van het westnijlvirus (WNV). Muggen, voornamelijk van het geslacht Culex, kunnen het virus opnemen wanneer ze bloed zuigen bij een besmette vogel. Bij een volgende beet kunnen ze het doorgeven aan andere vogels, paarden of mensen.
Via gewoon contact wordt het virus niet van paard op mens overgedragen. Bij bijzondere handelingen, zoals een autopsie op een besmet paard, kan contact met besmet zenuwweefsel wel een mogelijk besmettingsrisico vormen. Denk daarbij aan hersenen, ruggenmerg of het vocht rond de hersenen en het ruggenmerg.

Ook besmettingen bij mensen
Het Departement Zorg rapporteert acht waarschijnlijke besmettingen van het westnijlvirus bij mensen in Vlaanderen. Naast de vijf besmettingen die eind vorige week al gekend waren, zijn er dus nog drie bijkomende personen waarschijnlijk besmet, opnieuw in de provincies Antwerpen en Vlaams-Brabant. Eén van hen verblijft nog in het ziekenhuis. Labo-onderzoeken om de besmettingen met zekerheid te bevestigen, zijn bezig. Ook in Brussel is één lokaal opgelopen besmetting gemeld.
De besmettingen werden vastgesteld in regio’s waar het virus eerder ook bij paarden en vogels werd aangetroffen. Tot het einde van het muggenseizoen, dat eind oktober wordt verwacht, worden nog bijkomende besmettingen verwacht. Volgens Anneleen De Sadeleer, woordvoerder van het Departement Zorg, is er voor de meeste mensen geen reden tot ongerustheid: het risico om ernstig ziek te worden is zeer klein. Ongeveer 80 procent van de besmette personen vertoont geen symptomen. Bij de 20 procent die wel symptomen vertonen, gaat het doorgaans om milde, griepachtige klachten, zoals koorts, hoofdpijn en vermoeidheid. Minder dan 1 procent ontwikkelt een ernstige vorm met neurologische complicaties. Vooral ouderen en mensen met een verminderde weerstand lopen een groter risico op een ernstig ziekteverloop. Er wordt aangeraden om tot het einde van het muggenseizoen preventieve maatregelen tegen muggenbeten te gebruiken.
Ziekteverschijnselen bij paarden en vogels
- Bij het merendeel van de besmette paarden verloopt de infectie zonder ziekteverschijnselen. Wanneer er wel klachten optreden, zijn die aanvankelijk vaak algemeen, zoals koorts, lusteloosheid en een verminderde eetlust. Bij ernstige infecties kunnen neurologische verschijnselen ontstaan, waaronder spiertrillingen, evenwichtsstoornissen, ongecoördineerde bewegingen, spierzwakte en verlamming. Sommige paarden kunnen uiteindelijk niet meer rechtstaan. Een infectie met neurologische klachten kan fataal verlopen.
- Ook bij wilde vogels verloopt een besmetting vaak zonder duidelijke symptomen. Sommige soorten, waaronder kraaiachtigen en roofvogels, zijn gevoeliger voor ernstige ziekte. Ook zij kunnen algemene en neurologische klachten ontwikkelen. Mogelijke verschijnselen zijn lusteloosheid, vermagering, verlamming en ongecoördineerde bewegingen. Ook bij vogels kan een infectie met neurologische klachten fataal verlopen. Bij commercieel pluimvee worden neurologische ziekteverschijnselen veel minder vaak waargenomen.
Officiële procedure bij een klinische verdenking
Westnijlkoorts is in België een aangifteplichtige ziekte. Iedere klinische verdenking moet daarom onmiddellijk worden gemeld aan de lokale controle-eenheid (LCE) van het FAVV. Na goedkeuring van de LCE neemt de dierenarts bloed (serum) af bij paarden of een tracheale swab bij vogels en pluimvee. De monsters worden vervolgens onderzocht door Sciensano. Bij overleden dieren kunnen ook weefsels worden onderzocht.
Als de officiële procedure wordt gevolgd, neemt het FAVV de kosten van de laboratoriumanalyses voor zijn rekening. De kosten van het dierenartsbezoek en de monstername blijven ten laste van de eigenaar. Meer informatie vind je op de website van het FAVV.
Nieuwe PCR-test voor diagnostiek
Voor een snelle screening bij pluimvee en wilde vogels biedt DGZ een nieuwe PCR-test aan. Hiermee kan het westnijlvirus rechtstreeks worden opgespoord in tracheale swabs en bij overleden vogels in weefsels. De analyse kan ook worden uitgevoerd op bloed (serum) van paarden, maar is voor deze diersoort minder geschikt. Deze analyse vervangt niet de officiële procedure bij een klinische verdenking.
Je kan de PCR-analyse aanvragen via het aanvraagformulier ‘aanvraag onderzoek pluimvee/vogels’ of 'aanvraag onderzoek paardachtigen' op onze website. De analyse heeft een doorlooptijd van vijf werkdagen en kost 129 euro (excl. btw en dossierbeheer).
Bescherm paarden tegen muggenbeten
Je kunt de blootstelling van paarden aan muggen beperken door:
- een geschikt vliegendeken/eczeemdeken te gebruiken;
- insectenwerende middelen te gebruiken;
- stilstaand water, waarin muggen zich kunnen voortplanten, zoveel mogelijk te vermijden;
- paarden tijdens de meest actieve momenten van muggen zoveel mogelijk binnen te houden.
Voor paarden is ook vaccinatie tegen het westnijlvirus mogelijk. Vaccinatie vermindert het risico op ernstige ziekte en neurologische klachten.
Vragen of meer informatie?
Heb je vragen over het westnijlvirus of wil je meer informatie over deze nieuwe PCR-test? We helpen je graag verder. Contacteer onze helpdesk via helpdesk@dgz.be of via het nummer 078 05 05 23.